Voor de nieuwe creatie Verticale Gedachten wil choreograaf Marc Vanrunxt een aantal composities uit de jaren 70 samenbrengen en in een nieuwe context plaatsen.
In 1998 gebruikte Vanrunxt Morton Feldman’s Rothko Chapel al in de voorstelling Antropomorf. Toen benaderde hij deze compositie als een geheel, eerder van buitenaf bekeken. Nu wil hij het stuk opnieuw onderzoeken en er dieper in graven, van binnenuit.
Feldman schreef Rothko Chapel ter gelegenheid van de opening van de Rothko Chapel in Houston, een ruimte voor bezinning en gebed voor mensen met uiteenlopende overtuigingen en religies. Volgens Vanrunxt vertoont deze plek gelijkenissen met de theaterzaal: een ruimte waar mensen samenkomen om zich te herbronnen, te kijken en te luisteren naar andere ideeën en voorstellen, ter inspiratie en verruiming van het eigen wereldbeeld.
Als tegenkracht wil Vanrunxt Pour que les fruits mûrissent cet été (1975) van Karel Goeyvaerts inzetten, een fascinerende compositie die voortdurend over de eigen voeten lijkt te struikelen. In 1990 werkte Vanrunxt al samen als choreograaf met Goeyvaerts aan de opera Aquarius, een productie van F’act in Rotterdam.
Een derde element zou Metal Machine Music van Lou Reed kunnen zijn. Dit noise- en feedbackexperiment uit 1975 werkt als een soort drug- of zenervaring die hoofd en oren leegmaakt. Ook de muziek van Henning Christiansen staat momenteel op de playlist.
Met een viertal dansers wil Vanrunxt deze composities benaderen vanuit ‘deep listening’: het materiaal uit elkaar halen, opnieuw reconstrueren en in de ruimte projecteren.
Voor licht en technische realisatie werkt hij opnieuw samen met Stef Alleweireldt, vaste medewerker sinds 2002. De samenwerking met een musicoloog wordt momenteel onderzocht.
De titel Verticale Gedachten ontleent Vanrunxt aan Vertical Thoughts I–V, een reeks korte pianostukken van Morton Feldman.
Verticale Gedachten verwijst tenslotte naar Verticaliteit: Vanrunxt is gefascineerd door de verticaliteit van de mens die tot uiting komt in de beelden van de Griekse Kouroi en Korai en de Karyatiden, in Leonardo da Vinci’s Ecce Homo, in het gehele oeuvre van Fernand Khnopff, dat later door modernistische schilders zoals Barnett Newman werd vertaald in lijnen en strepen, de zogenaamde ‘zips’.
Credits
idee & choreografie Marc Vanrunxt in nauwe
samenwerking met de dansers
dans Igor Shyshko & Robson Ledesma & Nathan
Ooms & Silas Martens
licht en technische realisatie Stef Alleweireldt
outside input Peter Savel
productie Kunst/Werk
residentie en coproductie deSingel, STUK
met de steun van de Vlaamse Gemeenschap